de vier pedagogische opvoedingsdoelen zijn:

het aanbieden aan kinderen van een gevoel van –emotionele- veiligheid

het bieden van gelegenheid tot het ontwikkelen van persoonlijke competentie

het bieden van gelegenheid tot het ontwikkelen van sociale competentie

het bieden van de kans om zich waarden en normen eigen te maken

Als een rode draad lopen zij door het plan.

Het bieden van een gevoel van emotionele veiligheid:

Jonge kinderen moeten zich veilig en beschermd voelen. Als een kind zich onveilig voelt staat het niet open voor speelgoed of het leren van vaardigheden. Alle energie gaat dan zitten in de stress en het op zijn hoede zijn. Zich veilig voelen is echt een basisbehoefte. Het gevoel van veiligheid in de kinderopvang wordt in belangrijke mate bepaald door de pedagogisch medewerkers, de omgeving en het contact met andere kinderen.

Gelegenheid bieden tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties:

Met het begrip persoonlijke competentie wordt gedoeld op brede persoonskenmerken zoals veerkracht, zelfstandigheid en zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit. Dit stelt een kind in staat om allerlei typen problemen adequaat aan te pakken en zich goed aan te passen aan veranderende omstandigheden, ofwel het zinvol bezig zijn. De mogelijkheid hebben om vaardigheden onder de knie te krijgen en zelfvertrouwen op te bouwen. Dit geldt bijvoorbeeld voor het leren van taal, de motorische ontwikkeling en cognitieve vaardigheden.

Gelegenheid bieden tot het ontwikkelen van de sociale competenties:

Het begrip sociale competentie omvat een scala aan sociale kennis en vaardigheden, bijvoorbeeld het zich in een ander kunnen verplaatsen, kunnen communiceren, samenwerken, anderen helpen, conflicten voorkomen en oplossen, het ontwikkelen van sociale verantwoordelijkheid. De interactie met leeftijdsgenoten, het deel zijn van een groep en het deelnemen aan groepsgebeurtenissen biedt kinderen een leeromgeving voor het opdoen van sociale competenties. Het geeft aan kinderen kansen om zich te ontwikkelen tot personen die goed kunnen functioneren in de samenleving.

Kinderen gelegenheid bieden om zich normen en waarden, de cultuur van een samenleving eigen te maken:

Leren wat wel en niet mag: hoe je sociaal acceptabel te gedragen. Er zijn veel ongeschreven gedragsregels in de kinderopvang; je mag een ander geen pijn doen, samen delen, om de beurt, etc. Spelenderwijs en in de dagelijkse omgang met de kinderen proberen we ze bij te brengen hoe ze kunnen functioneren in een groter geheel: in de groep, in het kinderkwartier, in de maatschappij. Dit basisdoel beschouwen we als de kern van de opvoeding. We laten de kinderen kennismaken met grenzen, normen en waarden maar ook met de gebruiken en omgangsvormen in onze samenleving.

De vier basisdoelen, welke hieronder verder beschreven zullen worden, zijn eenvoudig te vertalen in de volgende vragen:

– heeft een kind het naar zijn zin?

– heeft een kind iets geleerd dat zinvol is voor hem?

– heeft een kind met andere kinderen gespeeld?

– heeft een kind geleerd op een sociale en respectvolle wijze met anderen om te gaan?

Wilt u het complete pedagogisch beleidsplan inzien. Dan kunt u deze opvragen bij onze administratie of pedagogisch medewerkers.

Contactinformatie

Televisiebaan 106a
3402 VH IJsselstein

T. 030-6871353
M. 06-23750706